Data & regelgeving · 8 augustus 2026
Je mensen gebruiken AI. Dat is nu ook jouw verantwoordelijkheid.

In twee jaar tijd ging AI-gebruik bij Belgische KMO's van 8% naar 81%. Dat is geen geleidelijke curve, dat is een sprong. (Exact KMO Barometer 2026)
Bij de meeste bedrijven heeft niemand dat beslist. Het is gewoon gebeurd. Iemand op de dienst na verkoop opende ChatGPT om een moeilijke klantenmail te herschrijven. Iemand zette Copilot aan in Office omdat het er toch al stond. Je boekhouder gebruikt een tool die ondertussen AI-functies heeft, en die zijn ergens vorig jaar aangezet zonder dat iemand het gemerkt heeft.
Sinds februari 2025 staat er een regel in de Europese AI Act die zegt dat jij ervoor moet zorgen dat die mensen weten wat ze doen. Artikel 4. AI-geletterdheid.
Die regel is anderhalf jaar oud. Deze maand begint de handhaving.
Wat artikel 4 precies vraagt
Niet wat je denkt. Er staat geen verplichte cursus in, geen certificaat, geen minimumaantal uren.
Wat er wel staat: iedereen die binnen je bedrijf met AI werkt, moet een toereikend niveau van kennis hebben — passend bij zijn rol, zijn achtergrond en de context waarin hij die AI gebruikt. De magazijnier die één keer per week een mail laat herschrijven heeft een ander niveau nodig dan de persoon die offertes laat opstellen.
Drie dingen die vaak verkeerd begrepen worden:
Het geldt ongeacht je grootte. Een eenmanszaak valt er even goed onder als een groep van 200. Er is geen ondergrens.
Het geldt ook als je alleen kant-en-klare tools gebruikt. Je hoeft niets te bouwen. Als je ChatGPT of Copilot inzet voor werk, ben je gebruiksverantwoordelijke, en dan geldt artikel 4.
Het geldt ook voor mensen die niet op je loonlijst staan. Externen die in jouw opdracht met AI werken, vallen er mee onder.
Waarom uitgerekend deze regel blijft staan
In mei 2026 werd een groot deel van de AI Act uitgesteld. De verplichtingen voor hoogrisico-systemen schoven op naar december 2027, en voor AI die in gereguleerde producten zit zelfs naar augustus 2028.
Artikel 4 zat daar niet bij. Net zomin als het verbod op onaanvaardbare praktijken. Die twee gelden gewoon sinds februari 2025 en zijn nooit opgeschoven.
Dat is logischer dan het lijkt. De hoogrisico-regels vragen documentatie, conformiteitsbeoordelingen en technische dossiers — dat kost tijd om op te bouwen. Zorgen dat je mensen weten wat een AI-tool wel en niet betrouwbaar doet, kost dat niet.
Wat er gebeurt als je niets doet
Hier moet ik eerlijk zijn: dat is minder duidelijk dan sommigen doen uitschijnen.
Juristen zijn het oneens over de vraag of artikel 4 op zichzelf beboetbaar is. Sommigen plaatsen het onder de boetecategorie voor gebruiksverantwoordelijken. Anderen wijzen erop dat de wet aan artikel 4 geen eigen boetebedrag koppelt. En in België is nog niet definitief beslist welke instantie precies toezicht houdt — de FOD Economie werkt daaraan.
Dus nee, er staat volgende week niemand aan je deur in Roeselare.
Waar het wel misloopt, is dit. Als er iets fout gaat — een medewerker plakt klantengegevens in een publieke tool, een verkeerd AI-antwoord vertrekt naar een klant, een offerte bevat een cijfer dat niemand nagekeken heeft — dan wordt de vraag gesteld welke afspraken je had. En "geen" is dan een slecht antwoord. Niet alleen tegenover een toezichthouder, ook tegenover de klant die schade heeft.
Aansprakelijkheid wacht niet op handhaving.
Wat je deze week concreet kan doen
Vier stappen. Samen een halve dag, niet meer.
Vraag het gewoon. Ga rond en vraag wie welke AI-tool gebruikt, waarvoor, en hoe vaak. Doe het zonder dreigende ondertoon, anders krijg je geen eerlijk antwoord. Je zal verrast zijn — zowel door wat er draait als door wie het gebruikt.
Bepaal per rol wat iemand moet weten. Niet per persoon, per rol. Wie klantencommunicatie laat schrijven, moet weten dat een model dingen verzint met volle overtuiging. Wie cijfers laat verwerken, moet weten dat het model niet rekent maar voorspelt.
Geef één keer een halfuur uitleg. Wat het is, waar het typisch misgaat, en wat er absoluut niet in mag — klantengegevens, personeelsdossiers, prijszettingen, contracten. Dat halfuur doet meer dan een cursus van een dag die niemand onthoudt.
Schrijf op dat je het gedaan hebt. Datum, wie erbij was, wat er besproken is. Eén pagina. De wet vraagt geen certificaat, maar wel dat je je inspanning kan aantonen. Een mail naar jezelf volstaat.
Het punt achter de regel
Zet de wet even opzij. Een medewerker die niet weet wanneer een AI-antwoord onbetrouwbaar is, is sowieso een risico. Die persoon stuurt op een dag iets naar een klant dat vlot leest en niet klopt. Dat gebeurt met of zonder verordening.
Artikel 4 maakt alleen expliciet wat je toch al zou moeten doen. Dat is zeldzaam voor Europese regelgeving, en het is de reden waarom dit de goedkoopste regel uit de hele AI Act is om na te leven.
In onze audit is dit één van de zes domeinen die we scoren. De vraag die we stellen bij "Mensen" is precies deze: wie gebruikt vandaag al AI, waarvoor, en met welke afspraken? In de meeste bedrijven is het antwoord op die laatste vraag nog leeg.